“Alles mag en soms moet je poepen”

Ik ben een echt nachtdier. ‘s Nachts ontwaak ik pas echt. Dan gaan mijn creatieve radertjes op volle toeren draaien en komt mijn ware zelf naar buiten die overdag wordt overschaduwd door mijn ego. ‘s Nachts ben ik vrij. Vrij om te denken en te voelen zonder oordelen. Zonder kritiek. Met mijn ego in een diepe slaap ben ik volledig onthecht van alles en iedereen en ken ik geen zorgen en geen angst. De nacht is mijn vriend.

Als klein meisje was ik al gefascineerd door de nacht. Het had iets mysterieus; iets magisch. Als we eens langer bleven hangen na een verjaardagsfeestje van een oom of tante… Oh wat was dat spannend. Normaal lag ik dan al lang op bed! Als ik dan achterop de fiets zat dan deed de buitenlucht iets met me. De wereld zag er ineens heel anders uit. Het rook anders en voelde anders. De nacht was een hele andere wereld. Ik las als kind ook altijd veel boeken. Het liefst over vampiers en monsters. Het was niet zozeer dat ik werd aangetrokken door de duisternis van de nacht. De pijnlijke, morbide of angstige kant van de duisternis die we kennen uit horrorfilms. Nee. Vampiers en weerwolven leefden in de nacht en waren vrij om te gaan en staan waar ze wilden. Ik droomde vaak over grote steden met torenhoge flatgebouwen die ik dan beklom en helemaal bovenaan naar de wereld keek, alleen.

Als tiener mocht ik niet zo heel veel thuis dus ik glipte dan ook regelmatig het huis uit. Soms om stiekem met vriendinnetjes naar de discotheek te gaan maar soms ook om met wat bekenden rond te zwerven. Ik vond het heerlijk. Na vele jaren heen en weer te zijn verhuisd, kwam ik weer terug in Groningen wonen. Na college ging ik bijna dagelijks danslessen volgen en rond een uurtje of 11 of 12 ‘s nachts liep ik naar huis (ook mede omdat ik simpelweg geen fiets had). Een vaste route, via academie Minerva, langs het water bij Westerhaven naar huis. Ik was me altijd heel bewust van deze momenten. Mijn hoofd had dan even tijd om te ademen. Moeilijke of pijnlijke herinneringen kon ik ophalen zonder dat ik er emotioneel onder door ging. Soms ging ik gewoon even aan de kade zitten en luisteren naar de krekels. Een heel enkele keer kwam er iemand voorbij gelopen die nog even laat de hond uitliet maar meestal was het er uitgestorven.

Na ongeveer anderhalf jaar ging ik op reis naar Indonesië. Dit was een heel cruciaal moment in mijn leven en vandaag pas besef ik eigenlijk wat voor geluk ik daar had. Ik ervoer het geluk daar wel heel sterk en wilde maar al te graag dat moment zo lang mogelijk vast te houden. Ik wist alleen niet specifiek te benoemen wat dat geluk precies inhield. De maand dat ik daar op reis was maakte ik kennis met mijn ware zelf. Voor vertrek had ik namelijk besloten om niet verder te gaan met de studie die ik deed en besloot ik om mijn kamer aan de Paterswoldseweg op te zeggen. Je zou kunnen zeggen dat ik dakloos was. Soort van. Ik wist dat ik na mijn reis bij familie terecht kon dus ik maakte me in elk geval geen zorgen. Al mijn kleren deed ik weg en nam één rugzak mee. Ik had wat spaargeld maar ik wist dat ik schoon blut zou zijn aan het einde van mijn reis… Mijn oude relatie was niet meer maar ik had Sander net ontmoet. Een week voor mijn reis. Ik wist dat liefde stond te wachten aan het einde van de rit. Ik was op de juiste tijd en juiste plaats om het ultieme geluk te ervaren.

Aangekomen in Indonesië was ik volledig onthecht van alles en iedereen. Ik was vrij en mijn ware zelf kreeg alle ruimte om te ademen. Je ego doet er niet zo toe. Je hebt niet het gevoel dat je jezelf nog aan iemand hoeft te bewijzen. Je hebt niet langer verplichtingen. Alles mag en soms moet je poepen. Dat is dan ook het enige dat je moet. Ik at wanneer ik zelf zin had en waar. Door alles los te laten voelde ik me gelukkig maar ik begreep toen nog niet dat het simpelweg kwam door het loslaten van mijn ego…

Na een maand was mijn reis voorbij en kwam ik terug in Nederland. Voor mijn gevoel werd ik heel hard weer in de realiteit gesmeten. Ik had al mijn geld inmiddels verbruikt en moest vanaf hier keuzes gaan maken. Ik ging solliciteren en vond heel snel een baan. Voor mijn gevoel moest ik me weer gaan gedragen en was het tijd om serieus te worden. Ik moest een rol aan gaan nemen in deze maatschappij. Ik moest mezelf weer gaan mengen met hardwerkend Nederland. Mijn ego kreeg een eerste rol: vanaf nu was ik arbeider. Weliswaar een tijdelijke arbeider want ik had nog ambities dus ik zou volgend jaar weer gaan studeren. Voor ik het wist zat ik midden in een relatie en woonde ik praktisch samen. Mijn ego kreeg een tweede rol: Ik was een partner. Note to myself: ik wil overal goed in zijn dus ik moest een goede tijdelijke arbeider zijn èn een goede partner. Goed. Dan heb je nog je vrienden en familie. Rol drie en vier: een goede vriendin zijn en een goede dochter. PLOP! Hee het het is 2012 en het academische jaar is begonnen! Mijn ego is gehecht geraakt aan goede prestaties dus stoppen met je werk is eigenlijk geen optie… Nou… Ik kan prima een goede student zijn, een goede werknemer, een goede partner, een goede vriendin EN een goede dochter. Oh en wat werd mijn ego gestreeld. Overal stak ik mijn liefde, tijd en energie in. Keer op keer werd mijn ego gekriebeld en geaaid. Ik voelde me succesvol. JA! Dit is het juiste pad…

Maar waar zijn de mysterieuze nachten? Waar zijn de krekels en waar zijn de dromen over hoge gebouwen? Waar zijn de zwoele zomernachten waarin ik vrij door de stad zwerf zonder gevoel van gemis, jaloezie, schuld en verdriet? Voor je het weet wordt je geleefd door je ego. Je ego wil niet gelukkig zijn zonder partner en is bang om alleen te zijn. Je ego laat je piekeren en zorgen maken over de toekomst. Je ego laat je bang zijn om wat andere mensen denken. Kritiek. Oei. Niet goed voor je ego… Maar… Wanneer je genoeg aandacht geeft aan je ware zelf, voldoende liefde geeft aan je ware zelf dan creëer je vertrouwen. Zelfvertrouwen. Dat klinkt makkelijker dan het is. “Wees gewoon je zelf.” “Heb zelfvertrouwen.” Clichés. Iedereen is wel een beetje onzeker. Iedereen heeft nou eenmaal zijn ego’s en we zouden ook niet zonder kunnen. Het is wat ‘ik’ onderscheidt van ‘ander’. Het verschil tussen de binnen- en buitenwereld. Maar geef liefde aan jezelf. Veel liefde. Laat de auto eens staan en loop eens een stukje. Sla een keer een feestje over en neem de tijd voor dat boek dat je al zo lang wilt lezen. Neem eens genoegen met een zesje voor een tentamen. Alsof je toekomstige baas ooit gaat kijken naar je tentamen politiek uit je eerste jaar waar je een 9.2 op hebt gehaald. Dat weekend buffelen in de boeken had je ook kunnen besteden aan een gezellige picknick. Ik leer nu wie ik ben en wie mijn ego is. Mijn ware zelf heeft slechts één rol en houdt van nachtelijke strandwandelingen en het geluid van krekels: de hopeloze romanticus.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s